Structuur en textuur
Elk object heeft een oppervlak dat je kunt voelen. Wanneer we het hebben over het voelen van dat oppervlak dan noemen we dit de textuur van een object. Denk maar aan een muntje. Wanneer we het hebben over hoe de oppervlakte eruitziet hebben we het over de structuur. Hierbij kun je denken aan een vacht van een dier. Soms heeft een object een andere structuur dan de textuur.
Op de afbeeldingen hieronder die je dat de tijger een structuur van strepen heeft, maar de strepen kan je niet voelen. Als je de tijger zou gaan aaien voel je de harige textuur.

Bij het herhalen van vormen, lijnen of stippen noemen we het een structuur. Hierbij kun je vorm en structuur soms moeilijk uit elkaar houden. Maar twee vormen maken nog geen structuur.
Hieronder zie je een luipaard. De luipaard heeft een vorm. Op het plaatje ernaast zie je de structuur van zijn vacht. De vorm van de vlek worden vele malen herhaalt en maakt zo een structuur. Op het laatste plaatje zie je een detail.
Je maakt in structuur onderscheid tussen twee soorten. Namelijk de ORGANISCHE en de GEOMETRISCHE structuren. Als je langs een kabbelende beekje loopt. Zie je allemaal ribbels in het water. Dit is een voorbeeld van een structuur die gevormd is door de natuur. Een organische structuur noemen we dit. Een geometrische structuur is niet door de natuur gevormd. Voorbeelden hiervan zijn wiskundige vormen en fantasie vormen.


















Beoordeling
verslag met oefeningen – 2x
eindopdracht – 3x

