Beeldverslag

1021b0c583ef3695dcb01e64b10a8916

 


Maak een beeldverslag over het thema. Je maakt het verslag alleen. Hierin komen jouw ideeën voor nog te maken werkstukken te staan. Jouw ideeën hoeven niet in het echt mogelijk te zijn, je mag je fantasie de vrije loop laten.

Bij drie van de ideeën maak je ook schetsen, om ze nog duidelijker te maken.

Eisen:

  • Lettergrootte: max. 12 p. (dit geldt voor het voorwoord en de inhoud)
  • Inleveren in een snelhechter of ingebonden (kan je bij de mediatheek laten doen)

Opbouw van het beeldverslag

Voorblad

  • Maak het voorblad passend bij het thema.
  • Dit komt er sowieso op: titel van het thema, vak, naam, klas, datum.

Inhoudsopgave

  • Deze komt op een aparte pagina, na het voorblad.
  • Denk aan de paginanummers (waar staat wat in je verslag?)

Voorwoord of inleiding

  • Deze komt op een aparte pagina, na de inhoudsopgave.
  • Schrijf een voorwoord of inleiding op je verslag. Vertel bijvoorbeeld iets over het thema en over de opdracht, wat je er tot nu toe van vindt etc.
  • Minimaal een 1⁄2 A4.

Inhoud

  • De inhoud komt op een aparte pagina, na het voorwoord/inleiding.
  • Omschrijf 8 ideeën voor werkstukken:
    • Wat is je idee (omschrijf dit zo volledig mogelijk)?
    • Waarom past het bij het thema?
    • Welke materialen denk je nodig te hebben?
    • Hoe ben je op het idee gekomen?
    • Etc.
  • Bij ieder idee voeg je een plaatje toe wat het idee duidelijker maakt. Je mag dit plaatje op het internet opzoeken of knippen uit een tijdschrift.

3 Schetsen

  • Kies uit je verslag je 3 beste ideeën, hier maak je schetsen van. (Lees eerst ‘Hoe maak je een goede schets’)


Hoe maak je een goede schets?

  1. Gebruik een schetspotlood (grijs), liefst een 2b potlood. Schets licht, zodat je foutjes makkelijk kunt weg gummen.
  2. Maak elke schets op 1 A4 papier, zo heb je voldoende ruimte
  3. Probeer zo te schetsen, dat voor een ander duidelijk is hoe je werkstuk eruit komt te zien. Denk aan het tekenen van de ondergrond, zijpanelen (eventueel), hoe iets vast zit, meerdere aanzichten.
  4. Teken je idee vanuit verschillende aanzichten (zie voorbeelden hieronder)


Beoordeling op:

  • Netheid
  • Originaliteit
  • Afwerking
  • Alle onderdelen van de opbouw moeten erin zitten